Otterlo, een historische schets

Dorpsstraat met links ‘Jagerslust’ in 1900 (GA12731)
Dorpsstraat met links ‘Jagerslust’ in 1900 (GA12731)

Periode: 855 tot heden
Plaatsaanduiding: Otterlo

Hoewel er al in het jaar 838 een melding bekend is van de schenking van een hoeve in Otterlo, wordt toch aangenomen dat Otterlo in 855 is ontstaan. Een zekere Folckerus schonk in dat jaar een aantal bezittingen, waaronder ‘Otterloun’ aan de abdij van Werden.

Het bouwjaar van de kerk is niet bekend, maar al in 1215 werden hier gelden verzameld ten behoeve van de kruistochten. De overgang naar de hervorming is in Otterlo rustig, zonder beeldenvernielingen of onderlinge botsingen verlopen.

Kerk en school

De Openbare Lagere School, 1903 (GA13252)
De Openbare Lagere School, 1903 (GA13252)

Vroeger waren kerk en school onlosmakelijk met elkaar verbonden. De koster van de kerk fungeerde tevens als onderwijzer. Heel vroeger werden de lessen in een ruimte onder de toren gehouden, later bij de koster thuis. In 1844 werd een school gebouwd tegenover de kerk. Kerk en school brachten Otterlo in een bevoorrechte positie, die sterk afstak bij de verschillende buurtschappen. Kerkscheuringen deden zich in Otterlo niet voor, zelfs niet tijdens de doleantie. Hetzelfde geldt voor de school; nog altijd een openbare school, zij het op christelijke grondslag.

Aanstoot

Otterlo werd vanaf de vijftiende eeuw ook wel ‘Aanstoot’ genoemd. De naam Aanstoot wijst volgens sommigen op een sterkte (vesting), een grenspaal of grenssteen. Een hinderpaal dus, waartegen vijanden hun hoofd zouden kunnen stoten. Op een kaart uit 1564, gemaakt door Christian Sgrooten, staat de Aanstoot vermeld als herberg aan de Harderwijkerweg. De naam zou duiden op de gewoonte met elkaar te ‘klinken’ of ‘aan te stoten’. Een tijdlang werden de namen Otterlo en Aanstoot naast elkaar gebruikt, maar vanaf 1800 raakte de naam Aanstoot in onbruik.

Buurt

Op de Veluwe ontstonden in het begin van de veertiende eeuw ‘buurten’, elders in het land veelal ‘marken’ genoemd. Zo ontstonden er onder andere een buurt van Ede-Veldhuizen, een buurt van Harskamp, een buurt van Wekerom en een buurt van Otterlo. Het belangrijkste doel van een buurt was het gezamenlijk gebruik van de woeste gronden. In de buurtregels werd bijvoorbeeld vastgelegd waar schapen mochten grazen en hoeveel plaggen er mochten worden gestoken. Eens per jaar kwamen de buurtgenoten/geërfden, onder leiding van de buurtrichter bijeen om zaken onderling te regelen. Besluiten werden door de buurtschrijver genotuleerd in het buurtboek. Van Otterlo is helaas maar één buurtboek bewaard gebleven en wel over de periode 1851-1966. De buurt Otterlo bleef lang bestaan en werd pas in december 2002 opgeheven.

Veetelling

Omdat de Hertog van Gelre, Karel van Egmond, nagenoeg permanent bezig was met oorlog voeren, was er veel geld nodig. Er werden verschillende vormen van belasting opgelegd aan de bewoners van stad en land in het hertogdom. Zo was de hoeveelheid vee die iemand bezat volgens de Hertog een goede indicatie van zijn rijkdom en dus moest alle vee worden geteld. In 1526 vond de telling plaats en werden onder het hoofd ‘Den Aenstoot’ per veesoort de aantallen van het kerspel Otterlo genoteerd. In het kerspel waren toen 4.771 schapen aanwezig en er waren vijftien boeren met meer dan honderd schapen. Helaas geeft deze telling geen inzicht in aantallen bewoners en zeker niet van de dorpskern. Toen in 1808 opnieuw een veetelling werd gehouden (nu in opdracht van de Fransen), bleek dat er veel minder vee was dan bij de telling van 1526. Het aantal schapen was maar liefst met 62% gedaald.

Trage groei

Eeuwenlang heeft Otterlo geen grote ontwikkelingen doorgemaakt als we naar de aantallen huizen kijken. Tussen 1650 en 1812 was de groei van het kerspel Otterlo, dus inclusief Harskamp en de gehuchten Deelen, Oud Reemst, Westeneng, Eschoten, e.d. maar een stuk of tien huizen. Pas na 1850 is Otterlo gaan groeien, hoewel de dorpskern aan het eind van de negentiende eeuw slechts twaalf woningen en een kerk telde. Hoewel Otterlo nog steeds bescheiden van omvang is, trekt het dorp veel toeristen met haar landelijke omgeving en het omringende, ongerepte natuurschoon. In de afgelopen eeuw is Otterlo een vakantieplaats van betekenis geworden. Hierop oefent het feit dat Otterlo de toegangspoort tot het Nationale Park De Hoge Veluwe is, een gunstige invloed uit.

Zelfstandig

Vanaf 1795 veranderde er met de komst van de Bataafse Republiek veel in het rustige Otterlo. De Ambtsjonkers die eeuwenlang het Kerspel hadden bestuurd moesten hun macht overdragen aan een gekozen municipale raad. Op 16 maart 1796 overhandigde de laatste Ambtsjonker, Jan Willen Simon van Haersolte, zijn documenten aan de raad. In 1812 werd het dorp een zelfstandige mairie binnen het canton Ede. Koster-schoolmeester Gerrit Pothoven werd benoemd tot burgemeester (maire), hoewel hij het Frans niet machtig was; kon hij in elk geval wel lezen en schrijven! Vijf jaar lang bleef Pothoven maire, totdat in 1818 Otterlo weer bij de gemeente Ede ging behoren.

Bronnen

Literatuur

  • Hofman, P. en M. Hijink,  Otterlo, eigenzinnig en verdraagzaam.  - Veenendaal, 2005
  • Hofman, P.,  Het Kerspel Otterlo in de Bataafs-Franse tijd.  - Ede, 1998
  • Beek, P. van, en anderen,  Van woeste gronden.  - Ede, 2005
  • Nijenhuis, H.J. en Wisgerhof, J., 60 jaar Otterlo’s Belang. - Otterlo, 1987
  • Nijhoff, R.H.,  Otterlo van 1900 tot nu.  - Hulst, 1994

Archieven

Documentatie

Fotocollectie

  • GA12731 Dorpsstraat met links ‘Jagerslust’ in 1900
  • GA13252 De Openbare Lagere School, 1903

Auteur

Henk M. Klaassen, 2011

Logo van de Creative Commons Organisatie
To the extent possible under law, the author has waived all copyright and related or neighboring rights to the text of his Kennisbank-articles. Bezoek de website van creativecommons.org

Gerelateerde pagina's Kennisbank