Concordiamolen

Periode: 1570 - heden
Plaatsaanduiding: Ede, Telefoonweg

Op de topografische kaarten nummers 449 en 468, verkend in 1871, zijn de drie molens van Ede te vinden: de Concordiamolen, de Doesburgermolen en de Keetmolen. De Enka fabriek staat er nog niet op, de militaire terreinen evenmin. Deze laatste zijn wel aanwezig op de kaarten die in 1910 gedeeltelijk zijn herzien.

De eerste Concordiamolen

De molen omstreeks 1885 (GA17789)
De molen omstreeks 1885 (GA17789)

De eerste Concordiamolen aan de Telefoonweg was de oudste molen in Ede (rond 1605) en was van het type standerd of onderkruier, net als de Doesburgermolen. De romp van de molen was op een standaard geplaatst, waardoor hij draaibaar gemaakt werd naar iedere richting.
In de eerste jaren van de Concordiamolen was deze achtereenvolgens in het bezit van de familie Van Stepraed (1570-1599) wonende te Huis van Ewijck en van Derk Gerrits (1647 - ?). Over de tussenliggende jaren zijn geen gegevens bekend. Om de productie te vergroten werd in 1750 tevens een rosmolen gebouwd, die in beweging werd gebracht door de kracht van een of meer rossen of paarden.

Op 31 juli 1865 verzocht Willempje Jacobsen, weduwe van Cornelis van de Craats, aan Gedeputeerde Staten van Gelderland een tweetal molens te mogen bouwen. De eerste molen was ter vervanging van de op 12 juli 1865 afgebrande Keetmolen aan de Stationsweg. De tweede molen was een stellingmolen, ter vervanging van de standardmolenen, die gebruikt werd als wind, koren-, pel- en oliemolen, en die ten oosten van de bestaande standerdmolen was gepland. Na gereedkomen van deze molen zou de standerdmolen worden ontmanteld.

Het verzoek aan Gedeputeerde Staten werd binnen 1 week gevolgd door een aanpassing in die zin, dat de verplaatsing van de molen niet in oostelijke richting, maar in westelijke richting werd voorgesteld. Na de toestemmig door Gedeputeerde Staten op 30 augustus 1865, moest de nieuwe molen op 1 november 1866 in gebruik zijn genomen. De tweede Concordiamolen was overigens afkomstig uit Wijk bij Duurstede (1860).

Windrecht en molendwang

Molens moeten hoog boven de omliggende bebouwing uitsteken vanwege een optimale windvang en om efficiënt te kunnen malen. De heer (eigenaar) van het betreffende land beschouwde zich als eigenaar van de wind. De molenaar moest dan ook een zeker bedrag aan windpacht betalen. Bovendien bepaalde de heer hoeveel en waar molens mochten worden gebouwd.  Daarnaast bestond ook het recht van windvang en het recht van molendwang. Het recht van windvang regelde de verplichting aan omliggende eigenaren de windvang niet te beperken (in hoogte), terwijl het recht van molendwang inwoners van een bepaald gebied verplichtte op een aangewezen  molen hun graan te malen.
Sinds 1814 bestaan het windrecht en het recht van molendwang niet meer.

Verval van de Concordiamolen

De molen omstreeks 1930
De molen omstreeks 1930

Na jarenlange verwaarlozing van de tweede Concordiamolen, wendde de Stichting De Puurveense Molen in Kootwijkerbroek (Gemeente Barneveld) zich tot de Edese Gemeenteraad met het verzoek tot verplaatsing van de Concordiamolen naar Kootwijkerbroek. De Concordiamolen zou dienst kunnen doen ter vervanging van de Purveense molen (1857) die op 14 februari 1964 afbrandde. Burgemeester en wethouders van Ede vroegen op 26 februari 1986 advies aan betreffende deze verplaatsing bij de Monumentencommissie Ede. Deze gaf op 23 april 1986 een negatief advies over deze materie. De uiteindelijke beslissing lag bij de minister van WVC, die op grond van het bindend negatief advies van de Rijksdienst Monumentenzorg in negatieve zin besloot.  In 1952 draaide de Concordiamolen voor het laatst en in 1962 werd het wiekenkruis vanwege instortingsgevaar verwijderd.

Restauratie

De molen in 2008 (GA40000)
De molen in 2008 (GA40000)

Hierna volgde een periode van sterk verval ondanks het feit dat de gemeenteraad in 1988 al een bedrag van fl. 415.000 ter beschikking stelde voor de restauratie van de Concordiamolen. Begin 1994 was dit bedrag inmiddels gestegen tot fl. 650.000. Overigens moet daarbij wel bedacht worden dat de Concordiamolen een rijksmonument is. Uiteindelijk besloot de Edese gemeenteraad in mei 2002 tot algehele restauratie, waarna in november 2002 met de werkzaamheden werd begonnen.
Vanwege de relatief hoge omliggende gebouwen moest de gemetselde onderbouw van de molen sterk worden verhoogd met ca. 3,75 meter.

Uiteindelijk werd op 13 maart 2008 de kap geplaatst  en op 17 maart werd de restauratie voltooid. In de Nederlandse Molendatabase is te lezen: “Is het aan de ene kant toe te juichen dat een onttakelde en verwaarloosde molen geheel wordt gerehabiliteerd, aan de andere kant wijkt deze molen, vooral door de sterke verhoging van de onderbouw en de toepassing van een wieksysteem (dat daar nooit eerder werd toegepast, wel erg sterk af van de molen die het ooit was”.

Bronnen (aanwezig in het Gemeentearchief Ede)

Literatuur

  • Oort, F. van en H. Kerstiens  Verhoogd en gewiekt, de geschiedenis van de Concordiamolen in Ede.  - Ede, 2008

Documentatie

Fotocollectie

  • GA17789 De molen omstreeks 1885
  • GA16969 De molen omstreeks 1930
  • GA40000 De molen in 2008

Auteur

Jan Verbeek, 2009

Gerelateerde pagina's Kennisbank