Fischer, een notarisgeslacht

Periode: 1818 - 1946
Plaatsaanduiding: Ede

Eén van de oudste gebouwen van Ede is het Fischerhuis, aan de Notaris Fischerstraat. In deze beschrijving gaat het echter niet om het gebouw, maar om de belangrijkste bewoners: de familie Fischer.

Afkomst

Het Fischerhuis (GA16707)
Het Fischerhuis (GA16707)

De wortels van de familie Fischer liggen in Rusland. In St.Petersburg wordt in 1764 Carl Christian Fischer geboren die als jongeman naar Nederland trekt. Waarom hij zijn vaderland verlaat is niet duidelijk, maar aangezien hij een enkele keer aangeduid wordt als 'translateur' (vertaler) is het waarschijnlijk dat hij in in deze functie met handelaren of legereenheden is meegetrokken in westelijke richting. Als tolk-vertaler van Russisch en Frans verdiende hij de kost. Carl Christian trouwt met de Amsterdamse Catharina Pelletan en beiden overlijden te Ede, respectievelijk in 1852 en 1843. Wanneer het echtpaar Fischer-Pelletan zich in Ede heeft gevestigd is niet bekend, maar in 1818 komen Jean Charles Fischer en zijn vrouw Henrietta Simons vanuit Amsterdam naar Ede. De 26 jaar oude Jean Charles is als notaris in Lunteren benoemd en vader Carl Christiaan Fischer koopt voor hem in het centrum van Ede een flink huis, het huidige Fischerhuis. Vader Fischer en zijn vrouw hebben ook vele jaren in een deel van dit huis gewoond.

Jean Charles Fischer

De eerste notaris Fischer is Jean Charles Fischer: geboren Amsterdam 1792 – overleden Ede 1874. Als notaris van Lunteren en Ede (benoemd in 1822) verrichtte hij de daarbij horende werkzaamheden: het opstellen van koopaktes, testamenten, huwelijkse voorwaarden etc.
Naast zijn beroep als notaris bekleedde J.C. Fischer nog vele functies binnen de Edese gemeenschap. Vijftig jaar lang was hij lid / voorzitter van de kerkvoogdij van de Hervormde kerk (toen nog de enige kerkgemeenschap in Ede) en zette zo zijn stempel. Onder zijn leiding (als voorzitter van de 'Commissie tot daarstelling van een orgel in de kerk te Ede') kreeg de Oude Kerk in 1845 haar eerste orgel. Drie jaar van voorbereiding waren er nodig, jaren waarin Fischer veel werk verzette – dat de ingebruikname van het orgel tot een oproer leidde was dan ook een grote teleurstelling. In 1823 treedt J.C. Fischer in dienst bij de brandweer als onderbrandmeester; drie jaar later is hij opperbrandmeester. 'Wegens zijn bijzondere capaciteiten en buitengewone ijver' wordt hij in 1850 tot Opperbrandmeester-Generaal (een regionale functie) benoemd, in 1856 gevolgd door de benoeming tot Directeur van het Brandwezen – dit blijft hij tot zijn overlijden in 1874.
Na meer dan 40 jaar het notarisambt bekleed te hebben, draagt hij dit in 1868 over aan zijn zoon Willem Frederik Jacob.

Willem Frederik Jacob Fischer senior

Notaris W.F.J. Fischer en zijn echtgenote C.A. Frowein (GA22854)
Notaris W.F.J. Fischer en zijn echtgenote C.A. Frowein (GA22854)

Van de elf kinderen uit het gezin Fischer-Simons (waaronder twee tweelingen) overlijden er enkelen jong. De overigen zwerven uit over de wereld, maar de jongste zoon Willem Frederik Jacob (geb. Ede 1830 – overleden Ede 1920) volgt zijn vader op als notaris. In 1868 trouwt W.F.J. Fischer met de 13 jaar jongere Carolina Augusta Frowein, een nicht van Wilhelm Konrad Röntgen, ontdekker van de röntgenstralen. Het echtpaar Fischer-Frowein krijgt negen kinderen; ook nu is er een tweeling bij – één  van de twee jongetjes overlijdt echter binnen een maand.
Evenals zijn vader is ook W.F.J. Fischer maatschappelijk actief. In 1872 neemt hij - samen met o.a. de Hervormde predikant ds. Krayenbelt - het initiatief tot het oprichten van de eerste Spaarbank in Ede.

Willem Frederik Jacob Fischer junior

De tweede zoon van het echtpaar Fischer-Frowein krijgt dezelfde namen als zijn vader en volgt hem in 1911 op als notaris. Deze Willem Fredrik Jacob (geb. Ede 1871 – overleden Ede 1946) trouwt in 1908 met de in Nederlands Oost-Indië geboren Maria Anna van Rouveroy van Nieuwaal en samen krijgen zij vier kinderen.
Rond 1920 wordt het huis aan de toen nog Grotestraat geheten straat uitgebreid met een kantoor en krijgt het complex de naam Fischerhuis. De voor het huis staande leilinden dateren waarschijnlijk ook uit deze tijd. In 1949 wordt de hele straat naar de voor Ede zo belangrijke notarisfamilie genoemd en krijgt deze de naam Notaris Fischerstraat.
W.F.J. Fischer junior is behalve als notaris bekend geworden als oprichter van de Vereniging Oud Ede (1924) en is tot zijn overlijden hiervan voorzitter geweest. Hij voelde zich verbonden met het verleden van zijn geboorteplaats en hield van de bossen en de heide, maar bovenal van de bevolking 'wier omstandigheden, lotgevallen en ontwikkeling hem na aan het hart lagen'. Het derde deel van de Geschiedenis van Ede is aan zijn nagedachtenis opgedragen.
Evenals zijn grootvader en vader was ook deze Fischer actief binnen de brandweer: van 1894-1912 was hij chef brandpiket.

Bronnen (aanwezig in het gemeentearchief Ede)

Literatuur

  • Nijenhuis, H.J.  Ede in grootvaders tijd. - Zaltbommel, 1983
  • Snijders, M.H.  De kerk in ’t midden (p.93-98: Orgelklanken met een dissonant). - Velp, z.j.
  • Boeve, Joop  Geïnspireerd door het vuur – zes eeuwen brandbestrijding in Ede. - Barneveld 1997
  • Geschiedenis van Ede uitgegeven door de Vereniging Oud Ede  te Ede (Ede, z.j.) deel III: Kerkdorpen en buurschappen.   

Fotocollectie

nummers gebruikt op deze pagina

  • GA16707 Fischerhuis    
  • GA22854 W.F.J. Fischer sr en echtgenote

Auteur

Gerard van Bruggen, 2009

Gerelateerde pagina's Kennisbank